zaterdag 30 april 2016

vrijdag 29 april 2016

donderdag 28 april 2016

strop (2)

Gisteren was een intense dag. De combinatie van bezoek, waar wij heel blij mee waren, koningsdag in Zwolle op TV een sterfgeval in de hospice en W's constatering dat zij zichzelf écht achteruit voelt kachelen en dat zij vreest voor de situatie waarin zij niet meer zal kunnen spreken, het Koningsconcert, waarbij de waterlanders niet uitbleven. Alles greep op een onbegrijpelijke manier in elkaar. Wat ik op TV zag had voor mij persoonlijk veel betekenis en ik voel dan ook de sterke neiging om dat met mensen te delen: van die meneer achter de vleugel heb ik arrangeerles gehad, die trommelaar helemaal rechts is een oud-studigenoot die ik vorig jaar nog in de uitzending had. De kinderen van die meneer heb ik in de klas gehad. Sowiso herkende ik in het orkest oud-leerlingen van mij. Kinderen die ik heb helpen enthousiast te maken voor muziek. De dirigent en arrangeur is een goede vriend van ons. Hij heeft piano en gitaar gespeeld op ons bruiloftsfeest vorige maand en wat hééft hij een sublieme versie gemaakt van "While my guitar gently weeps"! Wij horen erbij. Wij doen ertoe. Wij zijn niet onopgemerkt gebleven.

En 's avonds in bed werd het me even te machtig: angst, verdriet en de wens dat dat allemaal alsjeblieft ophoudt.

Als ik last heb van suïcidale gevoelens uit zich dat meestal in het verlangen naar een galg om mijn nek, zo ook gisteravond. U zult begrijpen dat dat geen aangenaam gevoel is en tòch is het een verlangen... Hoe kan nu dezelfde persoon smachten naar een strop om zijn nek en dat tegelijkertijd een hele onaangename gewaarwording vinden? Het kan volgens mij niet anders dan dat wat wij "ik" noemen niet één ding is. Er is niet een enkelvoudige ziel/geest. "Ik" onderga "mijn" verlangen naar een strak touw om mijn hals. "Ik" moet dus een "veel-eenheid" zijn, een resultante of samenstelling van verschillende processen die allemaal in wisselende combinaties mijn "ik" vormen. Ik kom hier later op terug.